De markt voor geneesmiddelen voor cystische fibrose wordt groter sinds geneesmiddelenfabrikant Vertex het ‘wondermiddel’ Kalydeco introduceerde. Het bedrijf heeft nu meerdere tegenslagen te verwerken bij het vinden van mogelijke opvolgers. Niet in de laatste plaats omdat verschillende kleinere farmaceuten ijzers in het vuur hebben liggen, met twee Nederlandse firma’s in de voorhoede.

Voor 2012 zag de medische wereld taaislijmziekte of cystische fibrose (CF) als een onneembare vesting. De behandeling van deze erfelijke aandoening bestond uit het draaglijk maken van de steeds slechter wordende functie van longen, lever en alvleesklier. De beschikbare geneesmiddelen waren tot die tijd dan ook gericht op het bestrijden van symptomen, zoals luchtweginfecties en een gebrek aan verteringsenzymen. Ondanks steeds effectievere slijmverdunners, antibiotica en enzymsupplementen is de levensverwachting van de meeste CF-patiënten niet hoger dan 40 jaar.

Dat beeld veranderde toen de Amerikaanse farmaceut Vertex het geneesmiddel Kalydeco introduceerde. Het was het eerste medicijn dat niet de symptomen van CF bestrijdt, maar de ziekte aanpakt bij de bron: een afwijking in een kanaaltje dat water en zout in en uit lichaamscellen transporteert. Bij CF-patiënten kan Kalydeco, een ‘potentiator’, de werkzaamheid van de kapotte CFTR-kanaaltjes vergroten. Daarmee zorgt het geneesmiddel voor minder taai slijm en uiteindelijk een betere longfunctie. Het middel bewees dat er in de toekomst mogelijk een effectieve behandeling voor CF beschikbaar is, en was daarmee toonaangevend.

Verschillende andere farmaceuten, waaronder twee Nederlandse, werken intussen aan nieuwe CF-geneesmiddelen. Het in Leiden gevestigde ProQR is het verst op weg met het kandidaat-geneesmiddel QR-010, een ‘corrector’. Dat is een medicijn dat zorgt voor een functionerend CFTR-kanaal door de genetische informatie tijdens het aflezen aan te passen, nog voordat het kanaal door het lichaam wordt gemaakt. Een beetje zoals een opzichter die tijdens het bouwen van een flat ontdekt dat de bouwtekening niet klopt, en snel de bouwvakkers de juiste instructies toeroept. De werkzaamheid van QR-010 wordt op dit moment getest bij CF-patiënten en kreeg in juli van de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) de Fast Track-aanduiding. Dat is een voorrangspositie bij het beoordelen van werkzaamheid en veiligheid, gereserveerd voor veelbelovende geneesmiddelen. De patiënt heeft ze daarmee zo snel mogelijk in huis.

Ook het Belgisch-Nederlandse Galapagos timmert aan de weg. In 2013 startte deze farmaceut een samenwerking met farmagigant AbbVie. Deze twee bedrijven willen samen een nieuw combinatiegeneesmiddel ontwikkelen met zowel potentiators als correctors, zodat het 90 procent van de CF-patiënten zou moeten kunnen behandelen. De samenwerking is tot nu toe succesvol: inmiddels heeft Galapagos drie potentiële geneesmiddelen in de pijplijn die succesvol waren in preklinisch onderzoek. Deze middelen worden nu al afzonderlijk in patiënten getest, en de fabrikant verwacht dat de onderzoeken naar gecombineerde werkzaamheid kunnen beginnen in 2017.

Door alle concurrentie heeft Vertex moeite om marktleider op het gebied van CF te blijven. Het bedrijf groeide dankzij Kalydeco uit tot een van de succesvolste Amerikaanse farmaceuten. Dat komt door de prijs die Vertex voor het geneesmiddel kan vragen: in Nederland is dat zo’n 150 duizend euro per jaar per patiënt. Maar er zijn grenzen aan de groei: Kalydeco werkt namelijk slechts bij vier procent van alle CF-patiënten. Opvolger Orkambi, een combinatiemedicijn uit de koker van Vertex dat wel geschikt is voor het overgrote deel van de CF-patiënten, komt vooralsnog niet in aanmerking voor vergoeding vanuit de basisverzekering. Het middel zou per patiënt 170 duizend euro per jaar kosten en bleek toch niet zo effectief als verwacht. En een patiëntenonderzoek met VX-661, een nieuw kandidaat-geneesmiddel, is onlangs stopgezet vanwege tegenvallende resultaten.

Toch hoopt Vertex op een omslag. Met de overgebleven onderzoeksresultaten van VX-661 wil het bedrijf in de tweede helft van 2017 een nieuwe goedkeuringsaanvraag doen bij de FDA. Ook gaat het bedrijf een partnerschap aan met fabrikant Moderna, dat zich net als ProQR heeft gespecialiseerd in geneesmiddelen die het vertalen van genetisch materiaal kunnen beïnvloeden. Samen hopen Vertex en Moderna een nieuwe corrector te kunnen ontwikkelen die CF op genetisch niveau te lijf kan gaan. Voordat dit partnerschap zijn vruchten kan afwerpen zal Vertex misschien eerst nog proberen om de bekostiging van Orkambi te regelen. Het Zorginstituut Nederland, dat de minister van VWS adviseert over zorgbekostiging en negatief over het dure middel oordeelde, legt de bal namelijk bij de fabrikant. Die moet namelijk helder zijn over de prijsopbouw van een geneesmiddel. Als Vertex de kosteneffectiviteit van Orkambi dus beter kan onderbouwen, neemt de minister het geneesmiddel misschien toch op in de basisverzekering.

Voor echt grote ontdekkingen op CF-gebied blijft het dus nog even afwachten. Op zijn minst een maand, tot eind oktober de jaarlijkse conferentie van de Cystic Fibrosis Foundation plaatsvindt in het Amerikaanse Orlando. ProQR laat daar voorlopige resultaten zien van de klinische studies die nu gaande zijn. Ook andere spelers met potentiële CF-geneesmiddelen zullen met onderzoeksresultaten aanwezig zijn. De verwachtingen zijn hooggespannen bij farmaceuten, medisch onderzoekers en, zeker niet in de laatste plaats, de patiënten.

 

Dit artikel schreef ik voor de cursus wetenschapsjournalistiek en verscheen in aangepaste vorm in de kennisdatabase van Axon Healthcare.

Laat een reactie achter